back home
klein verzameld werk
- van alles en nogiets ...
 
Poetry in motion
- uit eigen 'werk'
miscellaneous
- onbekende derden
 


























verreck.nl ®

laatst gewijzigd: Wednesday, 26 October, 2005 19:40
Poetry in motion
Poezie en proza uit eigen werk
De negen maanden voor kerst 2000

Haar schoonheid onbevlekt
sluit ze haar ogen.
Het is zover,
de nacht begint.

Maar een vel licht
verstoort de rust.
Als geketend aan haar bed,
overvalt het licht haar zede.

De deken glijdt langzaam van haar af.
De kille lucht maakt plaats voor het warme licht.
Een wolk van licht bundelt zich,
Bundelt zich naar binnen.

Een lichte schemering bedekt haar lichaam,
warm, zacht en teder.
Van binnen uit verlicht,
met tranen in haar ogen.

Goddelijk genomen

------

Haar stralende groene ogen half open,
starend recht vooruit.
Haar rode volle lippen, vochtig.
Met het puntje van haar tong proeft ze het zoete zweet.

Ze beseft wat er is gebeurd,
zonder het zeker te weten.
Haar mondhoek krult langzaam op,
een traan verlaat het oog.

Gelukzalig loopt ze door,
zonder naar hem te kijken.
Niet omdat ze hem vergeet,
gewoon omdat ze het niet weet.

------

Vol bewondering observeert hij haar contouren,
iets wat geen landschap evenaart.
Geen vrouw is haar gelijke,
zij staat alleen.

Hij zal haar moeten verlijden,
zonder rijkdom, zonder schoonheid.
Hij moet zich laten leiden,
door wijsheid en door geest.

Hij zal haar moeten winnen,
zoals geen ander het heeft geprobeerd.
Maar het klinkt zo eenvoudig,
gewoon jezelf te zijn.

------

Het bloeden is gestopt,
nu weet ze het zeker.
De groei is begonnen,
en er komt geen timmerman aan te pas.

Visioenen van een jacht,
een jacht op het nageslacht.
Nooit heeft ze eraan gedacht,
dat ze drachtig zou zijn van die ene nacht.

luchten is het enige wat rest,
voordat de vrucht wordt ontdekt,
voordat de vrucht wordt geplukt.
Vluchten naar een plaats van rust.

De kust

------

Volledig in zichzelf gekeerd,
acterend in een maatschappij.
De zoektocht naar die eeuwige balans,
de ultieme uitvlucht is gevonden.

Het leven staat 'r stil,
de middelen zijn voorhanden om dit lang te kunnen rekken
Prettig voor heel even,
eindig als al 't andere.

Toch erin te blijven hangen,
is vernietigend voor de zelf.
Dan maar weer die eeuwige zoektocht,
naar die onvindbare balans.

------

Denkend aan die ene dag,
zonovergoten in hemels evenwicht.
Achteraf het breekpunt van een cyclus,
geen dag kan meer zo zijn.

Dat was de stille gedachten,
geleid door 't ritme van die tijd.
Eén getuige op dat moment,
die kan weten wat het is.

Als het hoogst haalbare,
haalbaar is.

------

Bereiken van het doel is onontkoombaar,
in de verrukking van de droom.
Niets is nog onmogelijk,
de verrijking van de droom.

Aan de angst komt nooit een eind,
de gevolgen van de droom.
De pijn lijkt erger dan de schijn,
de ongeremde kracht van de werkelijke droom.

Met het allergrootste geluksgevoel,
tegenover de onmenselijke angst.
Zorgt het spirituele van de droom,
voor het bereiken van hun doel.

Het beleven van een droom,
tot leven naar een droom,
is leven op gevoel,
als uiteindelijke doel.

------

Haar zoektocht is geëindigd,
de bestemming is bereikt.
Het is geen ster die de plaats bepaald,
maar een vogel heeft gesproken.

Hier zal zij rust kunnen vinden,
rust om haar zorg te baren.
Meer bescherming is niet nodig,
dan de status van de gevels.

Haar schoonheid heeft een gelijke,
een gelijke aan de stad.
Geen plaats zal dit bereiken,
geen gelijke als des gravenstad.

Meer dan romantiek,
een robuuste zelfverzekerdheid.
Een bescheiden gestalte,
boven alles uit.

------

Het moment is gekomen,
wat rest zijn weeën van het voorbije jaar.
Een nieuw leven een nieuw begin,
Eigenlijk niets anders dan een nieuwe dag.

Nu, de lucht breekt open,
de draak komt los.
Het serpent is leidend in de naderende cyclus.
Zij bepaald onze weg, listig als ze is.

Even kijkt ze op,
laat stralend haar tanden zien.
Tot zij hem herinnert,
Zo als hij haar kent.

Er is weer eenheid,
Voor dit moment.

terug naar de index

Ach het was maar voor even

Nadat hij was weggespoeld door het hemelse vocht, sloeg hij in als een bom. Als een zak vol slangen kronkelden de tintelingen naar boven. Nadat het gif haar verdovende werking heeft doen gelden, verdween het gevoel uit de benen. Overgegeven aan de goddelijke klanken, die alles deden verdwijnen, gingen de ogen zover mogelijk open. Alles werd weer helder, mooi, zacht en vol liefde. De klanken bepaalden het ritme van de hartslag. Als door een infuus verbonden aan het geluid. Zou het geluid stoppen, zo ook zou dat gebeuren met de energie die nodig is voor leven. Het kwaad had plaats gemaakt voor het alomvattende genot. Nooit zou het gevoel mogen verdwijnen dat op dit moment regeert. Als een vorst wordt er bewogen, overtuigd zwevend door zijn paleis.
Totdat de benen zwaarder worden, de ogen zich bijna sluiten en de omgeving weer bekend wordt. Het geluid neemt af. Verdwijnt helemaal. De extase is voorbij. De aarde voelt hard en koud. Alles is weer bij het oude. Maar de herinnering bestaat. Bestaat voor eeuwig. Koester de herinnering van de fantastische nacht. De nacht die je onoverwinnelijk had gemaakt. Ook al was het maar voor even.

terug naar de index
Droom

ik wou dat ik een droom was
dan kon ik als de wekker ging
opgaan in het niets
terug naar de index
(zonder titel 2)

Allemaal zijn ze groter.
Ze staan daar,
onverzettelijk,
onverwoestbaar en onoverwinnelijk.

Hij staat daar alleen
tussen de aller grootste.
Vol met de oeverloze angst overschaduwt te worden
door alles om zich heen.

Maar hij weet,
alleen hij heeft de kracht van het woord.
Tijdens zijn afdalen
kunnen zij alleen zijn laatste woorden herhalen.
terug naar de index
Blind

De storm is gaan liggen,
't noodweer slaat toe.
De hitte heeft de passie doen verdampen,
gevoelsmatig veel te vroeg.

Het ondenkbare is gebeurd,
de val van het witte paard
zoals de ander het ervaart.

De kunst is gelegen,
in het zelf niet zien.
terug naar de index
Het beeld

strak kijken de ogen op het beeld neer
onbegrip overheerst het staren

het beeld verraad de waarheid
onvermijdelijkeen

aangrijpend beeld en niet voor even
terug naar de index
Haar wind

"De wind blaast de storm voort."
"... a game called go insane."
Voor de een is het af, voor de ander een begin.

Een muur verbrokkelt langzaam,
de stenen vallen,
op het vermogen tot relativeren.
Het enige wat is, is pijn

Zacht en mooi is de moker.
Zonder slaan een vernietigende kracht.
Een gevoel van machteloosheid
Kwetsbaar zonder muur.

Emoties onderschat.
Radeloos voor lul staan.
Vele handen liften het slagwapen.
Het wapen lacht, en valt neer op dat kleine mannetje.

Voor de storm uit gaat angst.
De storm van 't verleden is ongenadig.
Accepteer de confrontatie
en de storm zal overwaaien.

De rust blijft uit.
Gedesoriënteerd gaat de zoektocht voort
maar waar moet je beginnen,
als je 't misschien al gevonden hebt ?
terug naar de index
21-6

A beautiful dream
violently disturbed
by the wake of day,
again just another day

the date doesn't make it different
does it? Wouldn't it be nice
to stay in bed,

and sleep away the birthday ?
terug naar de index
Free me

be you
be me
be who ever you want to be
be free
to let me
be me
and you will see
eventualy
what's free

thats me
terug naar de index
Façade

Langzaam eindigt de zin in
er valt niets te beleven.
destructief
is een snel verwijt.
instinctief

het hebben is creëren
men creëert om het te hebben
ieder zo z'n eigen
doelbewust creëren
resulteert in improviseren.
façade

dus niet echt
maar uiterlijke schijn
is wat doelbewust zal zijn.

elke dag 't zelfde streven
tot dat is bereikt
zal de angst echt toenemen
als het gewoonweg ambitie blijkt.
surrogaat

morgen is het anders
gewoon weer wat verzinnen
je aan een ander meten
want wie wil er nu weten
waarom we elke dag nog eten
terug naar de index
(zonder titel 1)

De drang neemt af
obsessie weg
alleen ...
beter.

terug naar de index
Vlieg

vlieg
uit stront geboren schepsel
irritant circulerend,
vlieg!

ga naar buiten nu 't gaat
voordat je tegen de vlakte slaat

dat neurotische gedraai
van rechts naar links
van links naar rechts

ik word niet goed,
hier ...
je gaat ...
te laat

terug naar de index

Kerst 1998

"...En dan volgt nu het weerbericht voor de komende dagen. Door het ontstaan van een hoog drukgebied is een depressie niet uit te sluiten..."
De radio wordt uitgezet en met een blik zoals men die heeft bij het horen van oud nieuws, loopt hij richting de deur, kijkt zijn zakken na of hij niets vergeet, en gooit de deur te hard dicht. Hoofdschuddend daalt hij de trap af naar buiten, de kou in. De kou die hem toch vaak een goed gevoel geeft, prettig bijna. Waarschijnlijk omdat de mensen minder uitbundig zijn dan bij mooi weer, meer in zichzelf, meer direct.. Ze nemen niet de tijd voor een 'lulpraatje' maar komen direct 'to the point'. En hij..., hij loopt erbij zoals altijd, alsof hij het koud heeft.
Langzaamaan komt het centrum in zicht. God alle Jezus wat is het druk, denkt hij tijdens het wegduiken voor een auto die hem bijna voor z'n donder rijdt. De straten staan vol geparkeerd en horden mensen lopen alle kanten op.
O ja, het is bijna Kerst, de mensen mogen weer. Ze mogen zich weer ongegeneerd belachelijk gedragen. Plotseling hebben ze overal afspraken waar ze liever niet naar toe gaan, maar waar ze uiteindelijk toch te bereiken zijn. En iedereen is tegenwoordig te bereiken want "we hebben een mobiele telefoon",...ja ja. Volgens mij had die proleet, die me daarnet bijna voor m'n flikker reed ook zo'n pokken ding. Geen geld voor een bril maar wel bereikbaar zijn, dan heeft hij natuurlijk ook nog zo'n ding met nummer aanduiding. Maar ja, daar sta je dan zonder bril.
Verder denkend over wat hem nog te wachten staat loopt hij van de Mauritskade het Noordeinde op. Het kan ook niet anders of hij wordt gelijk ondersteboven gelopen door een pakezel, althans daar lijkt het in eerste instantie op. Achter, snel geteld, tien tassen komt ineens een oorverdovend gekrijs vandaan. Nog iets harder en de marechaussee van het Paleis Noordeinde was met groot materieel uitgerukt. Als de sirene even pauzeert zegt hij zo kalm mogelijk:"het geeft niet hoor", en laat de andere partij stomverbaasd achter als hij doorloopt. Tijdens het doorlopen realiseert hij zich dat het op de stoep te druk is om niet gek te worden en besluit op de weg te gaan lopen. Verbaast om zich heen kijkende, verbaast over de blikken in de ogen van de mensen, moet hij denken aan een boekje dat hij pas gelezen heeft. "Het Ik en de psychologie der Massa", zegt hij hardop, maar er is niemand die hem hoort. Hoe stond het er nou geschreven, o ja, "In de massa vervagen de individuele verworven eigenschappen van de enkelingen, waarmede tevens hun eigenaardigheid (hun persoonlijkheid) verdwijnt. De onbewuste rasseneigenschappen treden naar voren, het heterogene verzinkt in het homogene". Treffend.
Bij de werkplek van zijn koningin blijft hij staan en vraagt zich af of zij aan het werk is. Of is zij boodschappen aan het doen..., nee dat zal haast wel niet. Zou ze überhaupt wel eens gaan winkelen. Nou ik hoop voor haar dat ze zich niet heeft gemengd in dit gekkenhuistafereel wat nu plaats vindt, ongelofelijk. Zich ergerend aan het tempo van de menigte loopt hij richting De Plaats. Winkels puilen uit van de mensen, de een wringt zich naar binnen, de ander naar buiten. Hé, er is een rustige winkel...oh ik zie het al: Schaap en Citroen. Begrijp ik dat het rustig is, die 'toko' heeft z'n gevel moeten uitbouwen om de prijskaartjes er in te passen.
"oeps sorry...", ik word niet goed, ik moet hier weg. De Gravenstraat ik zie 'm al, maar daar is dan ook alles mee gezegd. Doorlopen ! Allemachtig zeg. Nou nog even. "Sorry". Kijk me niet zo achterlijk aan, mafkees,...ben ik er al ? Bijna. He he.
Heel even kan er normaal gelopen worden. Totdat hij bijna z'n nek breekt over, over... Ballen ! Krijg nou wat, lopen daar een paar van de kleine klerelijertjes met ballen te gooien uit de ballenbak van de Mac. Breek ik zowat me gekke gezicht. Vernuftig staaltje opvoedkunde moeder, sta er een beetje stom naar te kijken. Hallo..., het is pedagogisch best verantwoord om zo nu en dan eens een knoert uit te delen, hoor. Ja, ga me ook nog eens grijnzend aan staan te gapen, lijp wijf, Jezus.
Eenmaal de hoek om bij de Mac kan hij rustig aan weer tot zichzelf komen. Aan deze kant van het centrum lopen immers altijd minder mensen. Zijn tempo verlagend, voelt hij zich al wat kalmer worden. Maar hij weet, dat als hij doorloopt hij de Spuistraat zal kruisen, waar het geheid geen doorkomen aan zal zijn. Ondertussen passeert hij vier trams die bij de halte staan te wachten. Ze wachten tot iedereen zich naar binnen heeft gevochten. Letterlijk, want een D'ancona slaat met haar tas op de schedel van een immigrant, die van gekkigheid niet weet wat 'm overkomt en op de grond gaat zitten, oh...liggen. Dit soort taferelen geven de burger weer moed en aangekomen bij de 'menselijke modderstroom' gaat hij als is hij Mitch (u weet wel van Baywatch) door de massa. Tien seconden en een bijna vechten later is hij er doorheen. Afkeurende reacties laten zijn wenkbrauwen rijzen en er volgt een sarcastisch lachje. Genot. Gedwongen door de bouwconstructies moet hij zijn weg vervolgen op de rijbaan. Maar voor de oude bioscoop stoppen zijn benen ermee en kijkt hij met weemoed naar het, ogenschijnlijk, lege pand. De herinnering aan waanzinnige nachten geeft hem een fantastisch gevoel. Alles om hem heen verdwijnt op het moment dat hij verdwaalt in zijn gedachten.


De grond zakt weg
toch blijf Ik staan
zweven, om 't even
'Astatic'

de verdoving is extreem
van alcohol tot extase
geluk
de eerste keer

echt compleet
de puzzel af
de eerste keer

het universum
Ik ben God, de koning
bijna...

de dood bepaald de weg
dit had een einde moeten zijn
de weg loopt dood
Ik kom weer bij



Abrupt wordt ook aan dit moment een eind gemaakt door een oorverdovend geluid dat een paar seconden nodig heeft om echt goed door te dringen. Maar dan schrikt hij zich werkelijk de tyfus en waant zichzelf in een door God vergeten gezegde, als hij op nog geen halve meter van hem vandaan een blauwe tram ziet staan. Met z'n hart in zijn keel en een paar, hardop uitgesproken, ziektes haast hij zich van de trambaan af. Dit was voor hem de druppel, de maat is vol, als op een gloeiende plaat loopt hij richting het Buitenhof. Agressief, bijna paranoia, valt hem op dat hij geen moeite hoeft te doen om de om door de menigte heen te komen, en dat dus ook niet doet.
Aangekomen bij de hofvijver kan hij rustig gaan zitten, met uitzicht op de buitenkant van het binnenhof. Uiteindelijk woont hij in de mooiste stad van Nederland, het echte Holland. Hongerig naar een sigaret graait hij in zijn zak naar het pak shag.
"Godverre...godverdomme, krijg de vet......, de bloed....., waar is mijn shag nou weer !"
Nu slaan echt alle stoppen door, hij voelt de aderen op zijn slapen bonken, lucht is een schaars goed geworden, vol verschrikking kijkt hij om zich heen naar de grond in de hoop het te vinden. Maar voordat hij zich echt laat gaan hoort hij achter zich: "Gaat het, kun je het vinden ?" Met rode ogen en grote pupillen draait hij zijn hoofd, maar doordat hij zit kijkt hij recht in het kruis van een spijkerbroek. Direct valt hem op dat de plooien van het kruis hem vriendelijk gezind zijn, het is niet zo'n uitdrukking als welke zijn eigen broek heeft. Langzaam omhoog kijkend, treffen zijn ogen die van de persoon achter hem. Groen. 'Zo dan, goede middag', is het enige wat in hem opkomt maar hij zegt niets. Hij laat het beeld wat hij voor zich heeft nog even inwerken.
Zwart haar strak naar achter, in een staart, tot net over de schouders. Een lief gezicht met mooie grote groene ogen. Onder een gave neus, van naturen, rode volle lippen. Zo gevormd dat de jukbeenderen licht uitsteken en een rij tanden blootgeven, waar de tandarts werkloos van wordt. Nonchalant steunend op het linker been en een sigaret in de rechter hand. Een sigaret !
"Nee het gaat niet. Naast de kersthysterie ben ik ook nog mijn shag kwijt geraakt. Precies op het moment dat ik het eigenlijk wel allemaal zo'n beetje gehad heb."
"Wil je een sigaretje ?", vraagt ze op een manier dat als je niet zou roken, je het spontaan ging doen.
"Je bent mijn reddende engel."
Al lachende pakt ze een sigaret en houd haar aansteker klaar. Ze gaat door de knieën en zodra de sigaret brandt, neemt ze naast hem plaats op de rand van de vijver.
"Ik word niet goed van die drukte.", zegt ze na een korte tijd voor zich uit te hebben gekeken.
"Ach dat valt toch best mee.", antwoordt hij. Na een paar seconden schiet hij zelf in de lach om wat hij heeft gezegd.
"Toch vind ik de Kerst wel leuk."
"Wat is er nou zo leuk aan, ik begrijp het niet hoor."
"Nou cadeautjes kopen,en krijgen natuurlijk. Of gezellig eten met z'n allen. Dat is toch leuk ?"
"Eerlijk gezegd hoeft het van mij niet, die poppenkast. Het is toch een gemaakt gebeuren ? Het merendeel doet maar wat, omdat het hoort, omdat het altijd zo is geweest. De meeste gaan de Kerst in met tegenzin, en laten zich leiden door de gewoonte. Nooit vragen ze zich af wat ze werkelijk willen, en als ze dat wel doen dan blijft het daarbij. Dan doen ze er aan mee omdat de ander(-en) het zo leuk vindt(-en). Zolang iedereen op deze manier redeneert blijft de schijn wel in stand. Min plus min is plus, toch ?"
"Maar wat als je het nou echt leuk en gezellig vind ?"
"Dan hoop ik dat de anderen die er bij betrokken zijn, het ook echt leuk vinden, anders wordt het een vervelend samenzijn. Maar als iedereen zijn rol goed speelt zal het uiteindelijk niet opvallen."
"En kerstkaarten, verstuur je die niet ?"
"Mensen hoeven van mij geen kaart te verwachten. Dat zeg ik altijd nadrukkelijk. Ik stuur er echt maar een of twee, of ik moet wat geks tegenkomen. Maar in, en uit principe stuur ik niets. 'T is trouwens goed dat je er over begint, nu weet ik weer wat ik ging doen in de stad. Dit jaar stuur ik namelijk wel iets, maar geen kaart."
"Wat dan ?"
"Ja...hoe kan je het noemen...een betoog ?"
"Een betoog ? Ga je mensen de les lezen ?"
"Tsss, die is maf. Daar ben ik niet voor, om mensen de les te lezen. Hooguit om ze een les te lezen."
"Lekker ding….. Heb je 't bij je ?"
"Ja, maar je gaat nou toch niet beweren dat je 't wilt lezen ?"
"Anders vraag ik het toch niet. Nog een sigaret ?"
"Ja lekker. Nou oké, maar pas op straks ga je echt nog over Kerst nadenken."
"Je denkt toch niet dat jij de enige bent die daar over nadenkt, snijboon?"
"Dat zal ongetwijfeld niet, maar men wekt niet de indruk daar echt mee bezig te zijn."
Hij overhandigd haar hetgeen hij geschreven heeft en tezelfdertijd een bijna knipoog. Met de net aangestoken sigaret in de mond laat hij zich achterover vallen op zijn ellebogen en trekt een knie op. Zij gaat er goed voor zitten en begint te lezen :
De kerstgedachte. Een begrip, voor zover het een begrip is althans, waar men aan voorbij gaat als is het een giftig serpent. Maar het paradoxale is dat de menigte zich wel heeft laten vergiftigen en als verdoofd voortbeweegt. Als dit geen beeldspraak maar werkelijkheid was geweest restte mij alleen nog medelijden. Maar de werkelijkheid is deze beeldspraak: men is vergiftigt en verdoofd.
Zij die dit lezen zijn getuigen van een inzicht dat door velen als absurd en krankzinnig kan worden ervaren. Maar de absurditeit dat hier uit spreekt, zit in het geen wat waargenomen is en wat door velen kan worden waargenomen als de ogen ooit worden geopend. Mijn bijdrage tot openbaring is dit betoog, mijn kerstwens is het slagen.
Ik ga het hier niet hebben over de ware betekenis van Kerst, mij dunkt, ik weet zelf amper welke werkelijke betekenis er achterschuilgaat. Nee, het gaat hier over de naïviteit waarmee deze dagen tegemoet getreden wordt. Dagen die heden de mensen zo ver hebben gekregen de (eigenlijke) tragedie als realiteit te accepteren. Het is de 'Tragedie der Massa' waar ik op doel. Men heeft zich overgegeven aan toneel.
Het gaat over het moment dat een individu de massa herkent. Over het moment dat het doek valt voor de een en voor de anderen, het 'klapvee', u kent ze wel, er geen einde aan komt en misschien wel nooit zal komen.
Het is maar weinigen opgevallen dat wanneer Sint Nicolaas, tezamen met zijn donkere vrienden, het land verlaten heeft, de mensen geforceerd het nieuwe vertier tegemoet treden. Met 'gezelligheid' als dekmantel slaat men aan het simuleren. "Oh wat gezellig, de Kerst komt er weer aan." Welk een façade !
De combinatie 'Kerst / gezelligheid', gaat dan ook volledig aan mij voorbij. Kon ik dat maar van de Kerst an sieg zeggen. Maar nee, bij de eerste bal die ik zie slaat de ergernis weer toe. Het ergste is nog wel dat mij dit steeds vroeger overkomt. In mijn herinnering gebeurde dit nog , ongeveer, een week na de verjaardag van de goede heilige man. Nu krijg ik nog voordat de beste vriend koers maakt richting het noorden, mijn portie afkeer te verwerken.
Elk jaar verblindt men meer door de verdoving, en wordt het gedrag dat daarmee gepaard gaat meer en meer dat van een op hol geslagen zwem gieren, waarbij allen hun kop zover mogelijk in het 'kadaver der commercie' stoppen. Het zijn de simpele geesten die voor een verklaring van deze ontwikkeling zich richten op het kadaver. Ik wil er direct op wijzen dat waar een vraag is, men ook gaat aanbieden. In deze heb ik de marktwerking hoger zitten dan het menselijk denkvermogen. Vraag creëren is uitgesloten, men kan de massa niet aan gekte onderwerpen. Het gif bevindt zich immers al in de mens. Onverklaarbare 'krachten' laten de massa acteren op dit niveau. En dit niveau is niet hoog. Binnen de massa worden de individuele kwaliteiten onderworpen aan imitatie. Deze imitatie werkt als remming op de ontwikkeling. Naarmate meer mensen hun eigen identiteit inruilen voor groepsconformiteit, wordt de ontwikkeling een halt toegeroepen. Primitieve gedragspatronen komen aan de oppervlakte en verdringen de intelligentie, die in de loop der eeuwen is opgebouwd. Zo wordt ook de intelligentsia verdrongen en als zonderling beschouwd. Terwijl het inzicht juist vanuit deze mensen moet komen, daar zij nog de enige zijn die instaat zijn de helderheid van hetgeen zich afspeelt te herkennen, te verwoorden en uit te dragen
Dit lijkt allemaal ver verwijderd van wat zich rond de kerstdagen afspeelt, maar het is deze schijn die ik probeer te belichten. De Kerst is zelfs maar een detail, maar een goed genoeg moment om de aandacht gevestigd te krijgen.
Ga eens bij U zelf na wat de basis is geweest van de beslissing die U heeft genomen voor de invulling van de komende (kerst-)dagen. Mocht U die vinden sta dan eens stil bij de waarde ervan. Bijvoorbeeld door na te gaan of de genomen beslissing in overeenstemming is met wat U werkelijk wilt de komende dagen. Eenvoudig gezegd: wat doet U het liefst de komende kerstdagen? Mocht U dat weten, kijk dan in de agenda of op de kalender. Komt het overeen?
Ik weet dat ik me op gevaarlijk terrein begeef als ik van U vraag een beslissing te herzien, U heeft uiteindelijk argumenten voor handen. Toch kan het geen kwaad als ik U er op probeer te wijzen dat ook aan Uw argumenten getwijfeld kan, en mag, worden. Een gevaarlijke capaciteit van de menselijke psyche is namelijk dat deze in staat is argumenten aan te passen aan genomen beslissingen. Sterker nog, argumenten worden verzonnen om het gevoel dat ontstaat omtrent de genomen beslissing ermee in overeenstemming te brengen. Deze overeenstemming is dan weer van grote invloed op het gedrag. In die zin dat het gedrag bepaald wordt door de mate van argumentatie; is het moeilijk of makkelijk om beslissing en argument in overeenstemming te brengen. Hoe moeilijker het is te beargumenteren, des te zwakker de beslissing is. Een zwakke beslissing heeft, op zijn beurt, een negatieve inwerking op het gedrag. Om frustratie van beslissing, argumentatie en gedrag te vermijden moet men voorkomen dat men in aanraking komt met hetgeen dat direct tot frustratie leidt. Dat kan als men iets om handen heeft waardoor men volledig wordt afgeleid.
Ik praat hier over respectievelijk realiteit en Kerst. Realiteit is hetgeen waardoor men, als men er mee geconfronteerd wordt, gefrustreerd raakt. En Kerst is een van de vele mogelijkheden die men kan aanwenden ter afleiding van realiteit.
De formule van het schuil gaan achter Kerst gaat goed op, zoals al reeds opgemerkt elk jaar steeds 'beter'. Maar aan elke Kerst komt een eind. Maar men heeft genoeg om zich achter te verschuilen, waardoor de realiteit altijd overschaduwd zal zijn. Overschaduwd door de bijrol die vervult wordt in die ene tragedie:
De tragedie der massa !
Ze laat de blaadjes zakken en vraagt, als de sigaret die ze weg schiet in het water verdwijnt:
"Diep..., heftig..., maar waar maak jij je eigenlijk druk om ? Wat kan jou het nu schelen wat anderen doen, of denken?"
"Eigenlijk niet veel, maar het is meer..." Hij kan niet zijn zin afmaken want er gaat een telefoon over, en zij graait naar haar binnenzak. "Zo, afknapper.", laat hij zich nog net ontglippen. Met het ding aan der oor kijkt ze hem vragend aan, maar begint met spreken. Hij steekt z'n hand uit naar de papieren, die zij nog in haar hand heeft, en nadat hij ze heeft gekregen vouwt hij ze op en stopt ze in zijn jas. Ook hij schiet zijn peuk richting het eiland in de vijver. Terwijl zij aan de telefoon zit sluipt er een onplezierig gevoel bij hem naar binnen, en krijgt hij sterk de drang om weg te gaan. Niet veel later wordt hem de mogelijkheid gegeven om weg te gaan, als zij de telefoon weer in haar zak steekt.
"Ik ben het zat, ik ga naar huis.", zegt hij tegen haar.
"Ja ik moet er ook vandoor, er moeten nog heel wat spullen ingeslagen worden voor de Kerst. Eerste Kerstdag komt een deel van de familie bij mij, en ik heb er eigenlijk geen zin in, maar ja..."
Hij kijkt haar aan maar laat het voor wat het is. "Nou, prettige dagen dan, en bedankt voor de sigaretten, ik had 't nodig." Zonder ook maar te wachten op antwoord loopt hij bij haar vandaan, maar hoort haar zeggen: "Ja, hetzelfde en by the way als je weer eens oversteekt let dan een beetje op het verkeer, als iemand zit te bellen en jij komt plotseling de straat op kan er moeilijk goed gereageerd worden."
Bescheiden glimlachend kijkt hij haar aan en schudt zijn hoofd.
Hoe kan het ook anders, de cirkel is weer rond. Ik ben het zat ik ga naar huis, het is kerst.
terug naar de index
Zwart

z'n ogen draaien, het zweet valt,
valt van het voorhoofd tot de kin.
Druppels vallen naar 't zwart. Hij ook.
Vallen,
valt,
blijft vallen.
Gesuis,
bonken,
sneller snel.
Stop, pijn !
Geen beweging.
Het licht komt terug, langzaam.
Waas, lippen, lach.
Tanden op en neer. Geluid.
Steeds hetzelfde : ha ha !
Vol argwaan kijkt hij haar aan, diep in haar.
Haar gezicht verdwijnt in het ...
niets wat over blijft van haar zijn borsten, grote bezwete borsten.
Langzaam sluiten zijn ogen weer,
waas,
zwart.

In de verte hoort hij voetstappen, veel.
Marcheren, grote troepen.
"Ik zie geen kleuren, alles zwart wit."
De laatste stap galmt door,
"Heil !" ... "Fuck you !"
Groen en agressief slaat de herfst toe. De bomen laten hun bladeren vallen tot hij bedekt is met rood.
Het rood stroomt uit alle gaten, zichtbaar. Zijn adem stokt; "Lucht, lucht godverdomme !"

De longen vol met lucht opent hij de ogen.
Wat hij ziet wordt niet gelijk duidelijk, maar het lijkt op iets,
iets bekends.
Een mooie combinatie van groen en wit, half zichtbaar.
En dan die donkere strepen ...
Plotseling weer rood,
twee keer rood en dat wit.
Ze redde zijn leven met haar lucht.
De kleuren vormen een geheel ; "Jezus geef me lucht".
Ze staat op, draait zich om en loopt.
Klein,
kleiner,
zwart.

Hij blaast de lucht uit, grijs, bruin.
De geur van de natuur, zoet behaaglijk, langzaam verdwijnend.
De wereld draait, het zweet valt,
valt van het voorhoofd tot de kin.
Stoned.
Bekende gezichten praten, uren lang. Praten bla, bla, bla.
"Shut up !"
De gezichten draaien, de blikken spreken.
Ze laten hem vallen.
Hij laat zich vallen.
Onderuit gezakt, ogen half open,
bekijkt hij de dingen om zich heen. Alles blinkt en staat op orde.
Lucht erin, lucht eruit,
grijs,
bruin,
stoned.
Kijken met gesloten ogen,
chaos.
Alles wat staat ligt overhoop, alles wat hangt,
aan een zijde draadje.
Spin,spinnen,
spinning,
in de rondte,
alles pleurt. Hard.
Voetstappen veel,
marcheren over alles, alles kaputt.
"Sieg !" "munt", "heil",
't mijne, 't zijne, de onze.
Tranen, een kick,
tranen, 't besef,
tranen realiteit.
Realiteitstranen door de kick van het besef.
Schreeuwen maar niet gehoord worden.
Volgepakte side maar alleen toeschouwen.
Volle zalen maar alleen volgen.
Individueel het leven leven.
"Till death do us part."
Requiem,
grimmreaper,
dood,
stoned.
Zwart,.
Of toch een fel licht,
nee zwart.

Plotseling geluid, mooi op elkaar afgestemd.
Alles overheersend,
opvullend,
vervangend.
Helder zicht, deuren.
Gouden deuren,
veel,
mooi.
"Nee niet die deur !"
De deur slaat dicht, hard,
echo.
De deur van het verleden slaat hard.
Zwart.
Chaos,
geschreeuw,
jong en oud,
geen oud en nieuw, geen vuurwerk, geen feest,
het verleden.
Pijn, hoofd op hol, tranen,
tranen van de ogen tot de kin.
Van de kin op de bladzijden,
zwarte tranen.
De bladzijden vallen samen tot de kaft.
De sleutel van de deur,
de deur die na moeizaam openen wordt dicht geschopt.
Een klap,
zwart.

De ogen gaan open.
wit.
Geen bezwete borsten, maar de non-kleur wit.
Het witte leven,
het plafond.
Sta maar op en leef,
beleef.
Beleef 't wit
zwart
terug naar de index
 























namelijk verreck.nl ® 's-Gravenhage 2005 - vierde jaargang, sinds 2001, toen verreck.com